Statistieken liegen niet Afdrukken E-mailadres
Geschreven door Administrator   
zaterdag, 06 september 2008 19:33
0,28 %

Dat is het gemiddelde percentage dat de rijke industrielanden van hun nationaal inkomen afstaan aan ontwikkelingshulp. Het internationale streefdoel is nochtans 0,7%. Alleen Nederland, Luxemburg, Denemarken, Noorwegen en Zweden halen dat cijfer. (Bron: VN)

In België werd "de 0,7" nooit gehaald. De paarse regering verhoogde echter het streefcijfer naar 1%... terwijl de effectieve hulp daalde! Ze begon immers internationale lidmaatschapsgelden (aan de VN en dergelijke) en kwijtscheldingen van schulden (bijvoorbeeld de leningen van Mobutu die toch nooit zouden terugbetaald worden) mee te rekenen als ontwikkelingshulp. Begrotingstruukjes. Maar op het terrein voelde men in Congo uiteraard niets van die zogenaamde hulp.

Bovendien stellen de industrielanden onzinnige eisen. Het materiaal en de medicijnen die gebruikt worden bij hulpacties moet bijvoorbeeld verplicht aangekocht worden in het donorland. De lokale economie zal zo nooit op gang komen. Bovendien zijn projecten bijna uitsluitend van tijdeijke aard en volledig in handen van mensen uit het donorland. Met andere woorden: dokters en verpleegsters van hier werken een paar jaar in Congo, zetten iets moois op en keren dan terug. En de boel stuikt sneller ineen dan een soufflé. Als men echter professoren naar ginder stuurt om lokale mensen op te leiden tot dokter en verpleger en hen daarna betaalt om ter plaatse te blijven om de ziekenhuizen te runnen... is de kans groter dat die hulp ook na het aflopen van de financiële steun blijft voortbestaan.